• Header_fotolijstjes_Mearke

Sint Pitermearke

 
Sinterklaassprookje

Vanaf 1946 gingen de leerlingen van de hoogte klassen van de openbare school in december naar het Sinterklaassprookje in Leeuwarden. Maar in 1950 vonden drie leerkrachten, pas nieuw aan de school, dat niet passend. “We kunnen het zelf wel doen met Sint Piter.” En zo geschiedde. In 2015 voeren we ons 65-ste mearke op en dat wordt gevierd!!!

Eerste mearke in Grou

In 1951 was het eerste mearke nog Nederlandstalig. Het heette ‘Ali Ben Hassan’. In de jaren daarna is er heel veel veranderd. Het eerste Frysktalige mearke “Piterke en de Marwiven” is in 1959 geschreven door de Grouster leerkracht Geert Vledder. Hierna werden tot 2000 de mearkes geschreven door (oud)Grousters.

Overgang van het Nederland naar het Fries

Toen kwam Klaasje v. d. Veen i de Boer in beeld voor bewerking en vertalen van Frysk- en Nederlandstalige mearkes. De mearkes werden in de eerste decennia uitgezocht door het Dagelijks Bestuur; dat bestond uit de drie hoofden der lagere en later basisscholen. In een later stadium werd er een leescommissie in het leven geroepen, die onafhankelijk elk jaar een mearke uitzoekt; waarbij de mening van de regisseur steeds belangrijker wordt.

Als je als leerkracht in Grou aan de slag wilde, dan was het meespelen in het Sint Pitermearke een “must”. En als er niet genoeg rollen in het mearke waren, dan werden er een aantal bijgeschreven, zodat alle meesters en juffen van de lagere en later basisschool mee konden spelen. Ook deden en doen er elk jaar één of meerdere leerkrachten van het voortgezet onderwijs mee. Maar door het toenemende aantal activiteiten in en voor het onderwijs, wordt al jarenlang een beroep gedaan op gastspelers zoals ouders, ouderraadsleden, enz.

Repetities

De repetities begonnen voorheen na de Kerstvakantie, maar nu worden de eerste teksten al in november doorgelezen. De kostuums/kleding kwam jarenlang van Serné uit Amsterdam, maar de kleding voor en met “special effects” werden altijd door de Grousters zelf gemaakt. Tot het moment dat vanaf het mearke van 1991 “As de Noardewyn gûlt” alle kleren zelf werden gemaakt. Dit alles eerst onder supervisie van Klaasje v.d. Veen – de Boer. Jaren later wordt deze supervisie overgenomen door Jan en Teatske Jongsma. Tegenwoordig is dit in handen van Hilleke Kalsbeek en Wietske Banga. Jan Jongsma heeft de grime op zich genomen, na het overlijden van de bekende Rommert Talman, die met zijn vrouw vele jaren de personages extra aanzien gaf.

Decor

Het decor werd eerst gemaakt door één schilder met hulp van een aantal schilderleerkrachten. Dit decor bestond toen uit een achterdoek met een aantal zetstukken en zwarte doeken aan de zijkant. Vanaf 1992 wordt er gebruik gemaakt van echte decorstukken. De initiator daarvan was Piet v.d. Wal, die van te voren het gehele decor in miniatuur maakte. Op dit moment zijn er wel een zestal mensen met het decor bezig, waaronder timmerlieden, schilders en decorontwerpers. In de loop van de jaren is alles steeds meer geprofessionaliseerd met licht, geluid, muziek en dans. En dit alles zorgt er voor dat alle 9 voorstellingen goed kunnen verlopen.

 

[/tab] [/tabs]